Notariaat Almere-Buiten

BEL 036 549 5 249

Overeenkomsten familierecht


Notaris & Familie; Overeenkomsten:

 

 

 

 

 


Huwelijksvoorwaarden

Trouwlustigen zijn vaak druk bezig met de voorbereiding van hun huwelijk. De laatste details van het gemeentehuis, de kerk en/of receptie worden geregeld. Bij al die voorbereidingen wordt vaak niet stilgestaan bij de financiële gevolgen van hun trouwen. Toch is het van belang dat de aanstaande echtgenoten zich realiseren dat zij in Nederland zonder het maken van huwelijkse voorwaarden in algehele gemeenschap van goederen zullen huwen. Alle bezittingen en schulden worden dan bijeengevoegd. In principe worden ze over en weer eigenaar van de helft van het vermogen van de ander. Daarnaast zijn beide echtgenoten volledig aansprakelijk voor de kosten van de gewone huishouding.
Algehele gemeenschap

De gevolgen van de algehele gemeenschap van goederen zijn niet altijd gewenst. Een aantal willekeurig gekozen voorbeelden kan dit illustreren:

  • De man heeft een forse schuld door een niet van de grond gekomen eigen bedrijf, terwijl de vrouw welgestelde ouders heeft en vermoedelijk een groot vermogen zal erven bij het overlijden van haar ouders.
  • De man heeft een eigen huis terwijl de vrouw een studieschuld heeft.
  • De vrouw was eerder gehuwd geweest, welk huwelijk door overlijden is geëindigd. Op grond van de verdeling van de erfenis heeft zij forse schulden aan haar kinderen.


In al deze gevallen doet een aanstaand echtpaar er verstandig aan hun financiële situatie te onderkennen en daarvoor maatregelen te treffen. Deze maatregelen kunnen bestaan uit het maken van huwelijkse voorwaarden. Een akte van huwelijkse voorwaarden kan vóór of tijdens het huwelijk worden gemaakt. Aan het wijzigen of maken van huwelijkse voorwaarden tijdens het huwelijk zijn aanzienlijk hogere kosten verbonden.

Redenen huwelijkse voorwaarden

In zijn algemeenheid doen aanstaande echtparen er goed aan na te denken over huwelijkse voorwaarden in de navolgende gevallen:

  • indien er plannen zijn of zullen zijn om een eigen onderneming te starten;
  • indien er een groot verschil is of zal zijn in inkomen en/of vermogen;
  • indien partijen de financiële gevolgen van het einde van het huwelijk door overlijden of echtscheiding bij voorbaat willen regelen.


Hierbij bestaat een groot scala van mogelijkheden. In een gesprek met de notaris kan hierover nader van gedachten worden gewisseld. Belangrijk is te realiseren dat huwelijkse voorwaarden een zakelijke overeenkomst tussen de (aanstaande) echtgenoten is. Bij de bespreking zal aandacht worden besteed aan kwesties zoals inboedel, inkomen, vermogen, huishoudkosten, premies van levensverzekering en eventuele verrekening van bespaard inkomen.

Er kleeft een aantal nadelen aan het maken van huwelijkse voorwaarden tijdens het huwelijk. De eventuele gemeenschap van goederen moet worden verdeeld, hetgeen een verdelingsakte vergt. Bovendien moet de rechtbank de huwelijkse voorwaarden goedkeuren, waardoor er ook extra kosten aan griffierecht en advocatenkosten zijn.

Indien mensen gehuwd zijn geweest met elkaar in algehele gemeenschap van goederen, van elkaar gescheiden en vervolgens weer met elkaar gaan hertrouwen maar dan onder het maken van huwelijksvoorwaarden, dan is er iets bijzonders aan de hand. In dat geval moet bij de rechter goedkeuring voor die huwelijksvoorwaarden worden gevraagd alsof de huwelijksvoorwaarden staande huwelijk worden aangegaan. Dit volgt uit de regel dat bij hertrouwen het huwelijksgoederenregiem herleeft zoals dat gold bij het einde van het laatste huwelijk tussen de echtgenoten.

De huwelijkse voorwaarden worden door de notaris de dag na het huwelijk bij de griffie van de rechtbank in het openbare huwelijksgoederenregister ingeschreven. Aanstaande echtgenoten moeten daarom aan de notaris de dag en plaats van het huwelijk opgeven.

Samenlevingsovereenkomst

Veertig jaar geleden was samenwonen zonder gehuwd te zijn een zeldzaam fenomeen. Nu telt Nederland een groot aantal samenwoners, zonder dat de wetgever in structurele regelingen heeft voorzien. Niet iedereen realiseert zich dat een samenlevingscontract goede diensten kan bewijzen.
Inleiding

Vele Nederlanders wonen samen zonder gehuwd te zijn. Soms als een opstap naar het huwelijk, soms heel bewust als een alternatief voor een huwelijk. Het is van groot belang stil te staan bij de (financiële) gevolgen van het samenwonen. De onderlinge rechten en verplichtingen zijn niet altijd even helder. Hoe het met de eigendom en financiële lasten van het eigen huis zit, met de huishoudkosten of wat de fiscus of de sociale dienst van het samenleven vindt, zijn vragen die onder ogen moeten worden gezien. Of er erfrechtelijk consequenties zijn en of die wel acceptabel zijn is ook nog maar de vraag.

Daarom valt er heel wat - bij voorbaat - te regelen. Goede afspraken die op papier worden vastgelegd zijn bijna onmisbaar.

Stel u heeft met uw partner een eigen huis gekocht of gehuurd en met z'n tweeën ingericht. De spullen van u beiden staan aardig in de nieuwe woning, aangevuld met wat nieuw gekochte meubelen. Heeft u zich gerealiseerd wie eigenlijk aansprakelijk is voor welke lasten? Als u hierover geen afspraken maakt, is in principe de eigenaar aansprakelijk. Met betrekking tot het eigen huis geeft de eigendomsverhouding de doorslag. Staat het huis op beider naam, dan bent u samen ieder voor een gelijk aandeel eigenaar. De hypothecaire financiering kan los van deze eigendomsverhouding geregeld zijn. Stel dat één van beide de lening voor het huis is aangegaan. Deze partner is dan in zijn eentje aansprakelijk tegenover de bank voor de nakoming van de rentebetaling en aflossing. Dit lijkt toch wat scheef, want de andere partner betaalt dan geen cent aan de lasten van het huis. Zo is het ook de vraag wie de huishoudkosten (boodschappen, abonnementen, gas/water/lichtnota's) moet voldoen. In een samenlevingscontract worden al deze consequenties op gewenste wijze geregeld. In combinatie met de aankoop van het huis (tenaamstelling) en de hypothecaire financiering (verdeling lasten en aansprakelijkheid voor de geldschuld) is het opstellen van een samenlevingscontract onmisbaar.

Zonder samenlevings overeenkomst

Als u geen samenlevingscontract heeft gemaakt en u besluit om welke reden dan ook uit elkaar te gaan, dan blijkt het verdelen van de spullen vaak veel problemen op te leveren. Wat privé is, blijft natuurlijk privé. Maar als er onenigheid is of iets privé is, zijn de poppen aan het dansen. Om nog maar te zwijgen van de problemen die ontstaan als er gemeenschappelijke spullen moeten worden verdeeld. Ook van spullen die in de loop der tijd zijn vervangen is het niet altijd duidelijk van wie die vervangende goederen zijn. Bij tegoeden op een bank- of girorekening is uit de tenaamstelling van de rekening meestal wel af te leiden aan wie het tegoed toekomt maar dit hoeft niet zo te zijn. Denk aan het geval dat één van de samenlevers zijn geld heeft gestort op de spaarrekening van de ander "omdat daar een hogere rente wordt vergoed!". In dat geval is dat geld in principe nog steeds van die stortende partner. Alleen is het bewijs vaak heel lastig te leveren bij gebrek aan een goede administratie. Het is een simpel feit dat de ander nu eenmaal de enige is die kan beschikken over dat saldo.

Al deze onzekerheden kunnen voorkomen worden met een goed samenlevingscontract. Alle privé-goederen kunnen op een aan dit contract gehechte lijst (staat van aanbrengsten) worden vermeld, zodat daarover geen onenigheid meer kan ontstaan. Deze lijst kan in de loop der jaren worden aangevuld als privé-goederen moeten worden vervangen of met nieuw aangeschafte goederen worden uitgebreid. De verdeling van de gemeenschappelijke goederen zal in principe in onderling overleg moeten plaatshebben. Als dat niet lukt is taxatie van die goederen een mogelijkheid om via die waardebepaling tot een aanvaardbare verdeling te komen. Krijgt de ene partner meer dan de helft (naar waarde), dan moet hij de ander het meerdere in geld uitbetalen.
Inhoud samenlevingscontract

Vrijwel ieder samenlevingscontract begint met de vaststelling per welke datum de partners zijn gaan samenwonen. Vervolgens kunnen aan de orde komen:

  • de kosten van de gemeenschappelijke huishouding;
  • (bewijs)regels met betrekking tot gemeenschappelijke en privégoederen;
  • de gemeenschappelijk bank- en girorekeningen;
  • de gemeenschappelijke woning;
  • een partnerpensioenregeling;
  • de regels met betrekking tot het einde van de samenwoning;
  • een verblijvingsbeding;
  • een staat van aanbrengsten.


Hieronder zal nader worden ingegaan op de gemeenschappelijke woning (en de financiering daarvan) en het verblijvingsbeding (in samenhang met een testament).
De gemeenschappelijke woning

Zoals gezegd is het verstandig een samenlevingscontract op te maken als u ongehuwd samen een huis koopt. Het kopen van een huis schept immers een juridische band die niet één-twee-drie verbroken kan worden. Of je nu ieder voor vijftig procent mede-eigenaar bent, of de een voor zeventig en de ander voor dertig procent maakt daarbij niet uit. Steeds is sprake van gezamenlijke eigendom. Dus de financiële consequenties zijn voor beide partners.

Ook de hypothecaire financiering is dus voor beiden een zorg. Bovendien eist de bank vrijwel altijd dat beiden als hoofdelijk schuldenaren in de hypotheekakte vermeld worden. Zo heeft de bank meer zekerheid dat de schuld kan worden verhaald. Overigens is het belangrijk u dit goed te realiseren als u uit elkaar gaat en een van beiden verhuist. Als u niets met de bank regelt blijf u aansprakelijk voor de hypothecaire geldlening, ook al heeft u met uw ex-partner afgesproken dat die alleen de hele schuld zal voldoen. De bank is aan zo'n onderlinge afspraak niet gebonden. In een dergelijke situatie moet u aan de bank verzoeken om 'ontslag uit de hoofdelijke aansprakelijkheid'. Of de bank daartoe bereid is zal afhangen van de hoogte van de restantschuld en van de financiële draagkracht van degene die bereid is de schuld alleen voor zijn rekening te nemen. In een samenlevingscontract wordt vastgelegd in welke verhouding iedere partner afzonderlijk zal bijdragen aan de financiële verplichtingen die men heeft tegenover de bank. Dit wordt dus niet in de hypotheekakte vastgelegd! Daarom is het verstandig al voordat u een huis koopt over al deze zaken na te denken, en uw wensen grondig te bespreken.

 

Het verblijvingsbeding

Anders dan voor gehuwden kent de wet geen specifieke regels voor samenwoners, noch voor de periode dat zij bij elkaar wonen, noch voor het geval dat zij de samenwoning beëindigen. Zo'n einde kan in onderling overleg of met ruzie gepaard gaan, maar ook het overlijden van een van de partners maakt een einde aan het samenleven. Het verblijvingsbeding is een wat vreemde eend in de bijt. Het samenlevingscontract regelt de rechten en verplichtingen tussen de partners tijdens het samenwonen. Door een verblijvingsbeding op te nemen in het samenlevingscontract kunnen de consequenties van het verbreken van de samenwoning worden vastgelegd.

Stel dat één van de partners overlijdt, dan eindigt het samenlevingscontract automatisch. Door het overlijden ontstaat de nalatenschap van de overleden partner. De eerste vraag die moet worden beantwoord is wat tot die nalatenschap behoort. Los daarvan moet ook nog worden bepaald aan wie die nalatenschap moet toekomen.

Als het samenlevingscontract geen verblijvingsbeding kent, wordt de omvang van de nalatenschap bepaald aan de hand van de (bewijs)regels met betrekking tot gemeenschappelijke en privégoederen in het samenlevingscontract. Ook moet worden bepaald of de hypothecaire schuld geheel of gedeeltelijk vrijvalt omdat een overlijdensrisicoverzekering was afgesloten.

De notaris gaat na wie de erfgenamen van de overleden partner zijn. Het wettelijk erfrecht geeft aan de samenwonende partner geen enkel recht. Erfgenamen volgens de wet zijn de eventuele kinderen van de overledene. Als die er niet zijn, zijn ouders en broers en zusters de erfgenamen. Dit betekent dat het aandeel van de overleden partner in het gemeenschappelijke huis en de inboedel eigendom van diens familie wordt. De langstlevende partner wordt dus plotseling opgezadeld met andere mede-erfgenamen en dus mede-eigenaren. Als de verstandhouding met de 'schoonfamilie' goed is en blijft, hoeft dat nog geen probleem te zijn, maar de praktijk is vaak anders. Iedere mede-eigenaar kan namelijk eisen dat de onverdeeldheid wordt opgeheven. Dat betekent vaak dat het huis moet worden verkocht om aan de (financiële) eisen te kunnen voldoen en dat de helft van de inboedel die u samen had uitgezocht, verdwijnt naar de schoonfamilie.

Men kan deze onzekere gevolgen van het overlijden voorkomen door aan het samenlevingscontract een verblijvingsbeding toe te voegen, al of niet in combinatie met het maken van een testament.

Met een verblijvingsbeding wordt bereikt dat de langstlevende partner het eigendom van het aandeel van de overleden partner in de gemeenschappelijke zaken kan verkrijgen. Een dergelijk verblijvingsbeding wordt namelijk beschouwd als een soort legaat (een quasilegaat), op grond waarvan de erfgenamen verplicht worden om hun aandeel in de gemeenschappelijke zaken te leveren aan de langstlevende partner. Zodra het legaat is afgegeven wordt die langstlevende partner de enige eigenaar van bijvoorbeeld het huis en de inboedel. Het verblijvingsbeding heeft alleen betrekking op gemeenschappelijke zaken. Als de overleden partner ook privégoederen had (bijvoorbeeld uit een erfenis of schenking) worden die niet door de werking van het verblijvingsbeding eigendom van de langstlevende partner. Als dat wel de bedoeling is, moeten de partners naast een samenlevingscontract met een verblijvingsbeding ook testamenten maken.
Erfrecht

Per 1 januari 2003 is het erfrecht gewijzigd. De rechten van kinderen worden gerespecteerd tenzij het betreft de echtgenoot of de geregistreerde partner. In de combinatie van een notarieel samenlevingscontract en testamenten kan worden bewerkstelligd dat ook bij samenwoners de langstlevende partner beschermd achterblijft.

 

 

Schenkingen


"warme hand" / "koude hand"

Schenkingen kunnen worden gedaan op verschillende wijzen.

Bij schenken met de "warme hand" wordt het geschonkene direct betaald. Voordeel: géén kosten, noch formaliteiten. Nadeel: de schenker is het geld kwijt ten behoeve van de begiftigde. Dit type schenking heeft strikt genomen geen consequenties voor de inkomstenbelasting, even afgezien van de eventueel lagere respectievelijk hogere heffing in Box 3 voor de schenker, respectievelijk de begiftigde. Afhankelijk van de hoogte van de schenking is schenkingsrecht verschuldigd.

Bij schenken met de "koude hand" wordt het geschonkene schuldig erkend. Voor de geldigheid is normaliter een notariële akte vereist. Wil zo'n schenking fiscaal effect hebben bij overlijden dan dient een zakelijke rente te worden bedongen en te worden betaald. Volgens de Wet op de inkomstenbelasting valt de constructie in box 3. Voor de schenker is het geschonkene aftrekbaar van zijn vermogen en voor de begiftigde geldt dat hij het bij zijn vermogen moet optellen. Voordeel van de constructie is dat de schenker het geld behoudt. Nadeel van de constructie is dat notariskosten zijn verschuldigd en rekening dient te worden gehouden met de gevolgen voor de inkomstenbelasting. Dit laatste speelt met name indien de bedragen hoger worden.
Tarieven en vrijstellingen

Bij het vaststellen van de hoogte van de schenkingen zijn meerdere mogelijkheden denkbaar, afhankelijk van uw "schenkingsruimte". Bijvoorbeeld schenkingen tot de vrijgestelde bedragen. Per kalenderjaar en per kind is thans een vrijgesteld bedrag mogelijk van € 4.342,00 (jaar 2006). Een andere mogelijkheid is grotere bedragen te schenken. Totdat de kinderen de leeftijd van 35 jaar hebben bereikt, mag éénmalig per kind thans een vrijgesteld bedrag van € 21.700,00 (jaar 2006) worden geschonken. Wordt meer geschonken dan is over het meerdere schenkingsrecht veschuldigd. Het tarief bij schenkingen van ouders aan kinderen begint bij 5% en loopt op tot 27%, afhankelijk van de grootte van schenking.

Het tarief voor een schenking aan een ouder, broer of zuster begint bij 26% en loopt op tot 53%. Schenkingen aan alle overige verkrijgers zijn belast tegen een tarief dat tussen 41% en 68% ligt. Een uitzondering betreft de schenking aan een instelling met een goed doel. De schenking aan het goede doel is vrijgesteld.

Als ouders geen schenkingen doen, dan zal hun vermogen bij een zuinige levensstijl grotendeels in stand blijven. Bij hun overlijden zullen de kinderen veel successierecht moeten betalen omdat het tarief oploopt bij hogere verkrijgingen. Om dit te voorkomen kunnen ouders tijdens hun leven schenkingen aan de kinderen doen. Zij kunnen globaal berekenen hoeveel vermogen zij nodig hebben zolang zij nog leven. De rest van het vermogen is de "schenkingsruimte". Door dit vermogen verspreid over de komende jaren aan de kinderen te schenken wordt bij overlijden de top uit het successierecht gehaald.
Aangifte-termijnen

Schenkingen worden per kalenderjaar bij elkaar opgeteld. Na afloop van het kalenderjaar dient binnen 2 maanden de aangifte te worden gedaan. Komt het totaal van de som aan schenkingen boven de vrijstelling dan is schenkingsrecht verschuldigd. Een beroep op de (eenmalig verhoogde) vrijstelling dient te blijken uit de aangifte.
Bankrekening op naam

Soms komt het voor dat ouders of grootouders ten behoeve van kinderen of kleinkinderen geld apart zetten. Staat die bankrekening op naam van die ouders of grootouders, dan blijven deze laatsten de gerechtigden tot het geld. Dan heeft er géén schenking plaatsgevonden. Zo'n bankrekening heeft geen enkel gevolg voor het overhevelen van geld van de ene generatie naar de volgende.
Uitsluitend indien de bankrekening op naam van het kind of kleinkind staat heeft een schenking plaatsgevonden. De keerzijde is dat tot de minderjarigheid van het kind de ouder(s) van het kind (en vanaf de 18-e verjaardag het kind zelf) geld ten laste van die bankrekening kan/kunnen opnemen.

Openingstijden

 

maandag 9.00 - 18.00
dinsdag 9.00 - 18.00
woensdag 9.00 - 18.00
donderdag 9.00 - 18.00
vrijdag 9.00 - 18.00
zaterdag gesloten
zondag gesloten

Hier zijn wij actief

 

  • Almere
  • Almere-Buiten
  • Almere-Haven
  • Lelystad
  • Zeewolde

Uw notaris

Mr. K.E.P. Regnery

Contact

Notariaat Almere-Buiten

Poemaweg 2
1338 CH Almere

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

 

BEL 036 549 5 249